communicatie, tekst, kunstenaar en workshopdocent
  • elsebeth
  • communicatie
  • workshop
    • particulieren
    • organisaties
    • leerkrachten
    • leerlingen
  • kunst
  • blog
  • portfolio
  • Lente

    Lente

    Laat ik jullie vertellen over Demeter. Wat heeft ze het druk. Het is weer die tijd van het jaar dat het koren op het veld zijn weg zoekt naar de zon. Geduldig tovert Demeter prachtige bloemen tevoorschijn. Zo eert ze het leven. Dat is in de winter wel anders, dan zit ze thuis te mokken, rouwend om haar jonge dochter, die ze zo moeilijk kan loslaten. Helemaal ongelijk heeft ze niet – iedere winter verliest ze haar oogappel aan een sombere man die het zonlicht schuwt. Welke moeder wenst haar kind niet wat beters toe? 


    Persephone

    Het verhaal gaat dat alles begint met Zeus, bij wie Demeter een dochter krijgt: Persephone. Met recht een mooie meid te noemen. Dat ziet Hades ook, de god van het dodenrijk valt meteen als een blok voor haar. Wanneer het lieve kind bloemen plukt in het veld, ontvoert hij haar naar de donkere onderwereld. (Ja ja, de goden schuwden het schaken van een minderjarige niet.)

    Demeter is plotsklaps haar meisje – kore in het Grieks – kwijt. Haar verdriet is ondraaglijk. Mismoedig ontvlucht ze het godenrijk. Zonder Demeters zorgzame aandacht verdort de aarde, niets wil meer groeien. De mensen lijden honger. Zeus ziet dit allemaal met lede ogen aan en concludeert: dit kan zo niet langer. Hij stuurt zijn zoon Hermes naar het schimmenrijk met de opdracht zijn dochter met haar moeder te herenigen. Maar voordat Persephone met Hermes mee naar boven gaat, eet ze zes pitten van een granaatappel die de sluwe Hades haar gegeven heeft. (Vrouwen en appels — wat is toch?) De regel is: als je iets eet uit het dodenrijk kun je niet meer terug. Wist zij veel. Hiermee is haar lot en dat van de aarde bezegeld. 

    Seizoenen

    Vanaf nu behoort Persephone zes maanden per jaar toe aan Hades. Daar heeft ze zich maar in te schikken. De overige maanden is ze bij haar moeder. De vreugde van hun hereniging zien we ieder jaar in de lente terug en duurt twee seizoenen. In de herfst daalt Persephone weer af naar het donkere onder en neemt ze haar plaats naast Hades in als godin van het dodenrijk. Demeter zich terug en de aarde wordt koud van haar verdriet.


    Onderdeel van mijn lentebrief op Substack.

    elsebeth

    25/03/2025
    verbeelding
  • Ordenen

    Ordenen

    STRUCTUUR

    Welke soort het ook is: het sorteert en schikt. Overal is het een jewelste van op- en verdelen. Talloze systemen en structuren zijn voorhanden, sterker nog: we zitten er letterlijk vol mee. Het zit verankerd in ons DNA. Neem de rij van Fibonacci: 0-1-1-2-3-5-8-13-21- enzovoort. Een wiskundige ordening die je terugvindt in allerlei biologische systemen: hoe planten en diersoorten groeien, hoe de blaadjes van een varen zich ontvouwen, hoe een bijenpopulatie toeneemt, in de structuur van een dennenappel, en ga zo maar door. Ook de meetkundige verhouding de gulden snede – al bekend in de Oudheid en door veel mensen als esthetisch ervaren- is hiervan afgeleid. En dit is dan maar één wiskundige structuur die in en om ons aanwezig is.

    TEGENSTELLING

    Als ik ga ordenen, begin ik vaak met sorteren op soort: geel bij geel en rood bij rood. Vervolgens zet ik het in tegenstellingen apart.  Klein of groot, licht of donker. Wel zo overzichtelijk. De volgende stap is rangschikken. Leg wat knopen of munten neer en vraag me het te organiseren. Geheid dat ik dat doe van klein naar groot, van licht naar donker of van minder waard naar meer.

    META

    Op metaniveau zie ik een samenleving die op allerlei manieren geschikt is. Of het nu een wereldje in het klein is of de samenleving als geheel: overal zie je het terug. Met tegenstellingen als jong of oud, vrouw of man, rijk of arm en of seks zus of seks zo. Omdat ordenen bij de mens zo ingebakken zit, willen we ook de dingen die zomaar gebeuren – de boze buitenwereld- terugbrengen tot een herkenbaar opdeelsysteem.

    SCHIKDRANG

    Kortom, ook in het grotere geheel heerst rangschikdrang. Maar al gauw komt het neer op: jij doet wel mee en jij niet. Het bepaalt tot welke tree van de maatschappelijke trap jij mag klimmen en telt tot welke groep je behoort mee. Jouw opleidingsniveau, sekse, kleur of religie doen ertoe. En niet onbelangrijk: aan die rangen zijn rechten en plichten verbonden, waarbij de hoogste rang meer rechten heeft en de laagste meer plichten.

    PIKORDE

    Vrijwel iedereen wil bij de bevoorrechten van de groep horen. Daardoor houdt zo’n systeem zichzelf in stand. Veel mensen streven naar een plekje op een hogere tree, want – is de gedachte – dan beschik je over meer geld, status en invloed op hoe je je leven kunt inrichten. 

    Velen geloven dat ze die plek bereiken door inspanning. Het credo luidt: “Kwaliteit komt altijd bovendrijven”. Maar is dat wel zo? Hoe beland je eigenlijk op de hoogste plek binnen de pikorde? Vaak moet je voldoen aan een aantal kwalificaties. Opvallend is dat die competenties meestal zijn bedacht door een beperkt deel van de groep, niet toevallig net dat deel dat zelf die kenmerken heeft.

    POSITIEVE DISCRIMINATIE

    Laat ik een voorbeeld geven van een rangorde waar onze maatschappij nog altijd diep mee doordrenkt is. Een tijd geleden bedacht een klein groepje mensen dat je om mee te mogen praten man, opgeleid en/of in het juiste nest geboren; het soort nest dat ze zelf maar al te goed kenden. Op een gegeven moment bleek het niet zo handig systeem, want wie niet aan die specifieke voorwaarden voldeed, deed niet mee. En dat waren er nogal wat. Vrouwen, bijvoorbeeld. Arbeiders. Mensen met een andere kleur. Bij elkaar opgeteld mocht een flink deel niet meepraten.

    KWALITEIT

    Die mensen werden het zat en gingen protesteren. Er kwam beweging op gang, al duurt veranderen lang. Stukje bij beetje zijn de eigenschappen waaraan je moet voldoen opgerekt. Toch hoor je voortdurend zorgen over de capaciteiten. Want krijg je met ‘al dat andere volk’ wel het beste? Je hoort ‘kwaliteit’ opvallend vaak in één adem met ‘positieve discriminatie’. Want is dat wel zo’n goed idee? Gaat het niet ten koste van kwaliteit? Komen mensen er dan wel op eigen kracht?

    Opvallend vaak zijn het de mensen die al een positie hebben die die vragen stellen. Op zichzelf is dat best ironisch: diezelfde groep heeft decennialang de vruchten heeft geplukt van positieve discriminatie, zonder dat het zo genoemd werd. En nu ze een beetje moesten opschikken, klinkt er gemor. Je kunt die brutale omdraaiing gerust zien als slimme framing.

    ZOOTJE ONGEREGELD

    Desalniettemin is het herschikken al een tijdje aan de gang. Het kolkt en gonst tegenwoordig. Met talloze op identiteit gebaseerde discussies die in de kern gaan over: ”Tel je mij ook mee?” Omdat sekse, etniciteit, seksuele geaardheid er al zo lang toe doet, zijn dit de lijnen waarlangs het debat zich afspeelt. 

    Best een ingewikkeld gedoe eigenlijk. In de samenlevende verzameling mensen zijn er steeds meer deelverzamelingen, in de hoop dat we straks minder soorten nodig hebben.

    Ondertussen blijf ik verlangen naar een tijd dat we minder namen nodig hebben om elkaar te schikken.

    elsebeth

    15/06/2024
    verbeelding
    maatschappij, mens
  • De adem van het publiek

    De adem van het publiek

    Bestaat kunst ook zonder de ander: de kijker, luisteraar of lezer? En als het is gemaakt: Hoeveel moeite gaat de toehoorder doen? Wat vraag je van jouw publiek? Wat is de toeschouwer bereid voor jou te doen?

    John Cage

    In dit verband denk ik aan het muziekstuk van John Cage: 4’33”. Het getal refereert aan de minuten stilte die de pianist ten gehore brengt. Cage heeft publiek nodig voor dat werk: zonder de luisteraar zou het er niet zijn. In de beslotenheid van zijn werkkamer is het meditatie of een oefening in mindfulness; pas met publiek krijgt het zijn vorm. Dan pas klinken de geluiden die de uitvoerder en publiek veroorzaken als muziek. Dan pas wordt de toehoorder een luisteraar.

    Als Cage nog geen bekendheid had verworven, had hij kunnen roepen: “Joehoe, kom je luisteren naar een uitvoering waarbij de pianist stil blijft?” Maar dan waren alleen zijn familie en beste vrienden komen opdagen. Dat is ook wat waard, maar waarschijnlijk wilde hij meer. Er ook zijn brood mee verdienen.

    En als toeschouwers nodig zijn: Aan hoeveel heb je genoeg? Is een publiek van tien mensen genoeg? Eén? 4’33” bestaat net zo goed als alleen zijn familie komt luisteren. Of als het een duet is van de pianist en de luisteraar. Hetzelfde bij literatuur, dat is een een-tweetje tussen auteur en lezer.

    Verkoper

    Helaas is er een uitgever nodig om dat boek aan de man te brengen. Of – in Cage’s geval- de platenproducent, de concertzaal, de hele rataplan. Of de galeriehouder, curator, de subsidiegever.

    Daar gaat het wringen. Je betreedt de wereld van de verkoper. Hoe groter het publiek, hoe meer geld er valt te verdienen. Maar wat doet waardering met jouw ontwikkeling als kunstenaar? Dialoog kan jouw ontwikkeling stuwen, maar ook stilleggen omdat je niets anders meer durft te doen dan wat de toeschouwer al kent. Hoe blijf je vrij bewegen als de stem van het publiek zo luid klinkt?

    Vrijheid

    Cage heeft de weg naar de verkopers succesvol afgelegd, voor hij publiek voor dit stuk vond. Hij behield zijn durf. Hij verwierf status en dat gaf hem de ruimte om vrij te zijn. Wat een heerlijk privilege.

    elsebeth

    20/05/2024
    kunst, verbeelding
    column, kunst
  • Culturele vorming

    Culturele vorming

    Ik neem je even mee terug naar de jaren zeventig. Plaats van handeling: een Twents dorp. Veel boerenland waar populieren groeiden en een klompenfabriek. Een plek waar handelaren van oudsher goed boerden, vanwege de ligging aan de Regge. Ik groeide op in een tijd waarin de verzuiling nog duidelijk aanwezig was; het kleine dorp had twee katholieke scholen, een hervormde én een School met de Bijbel. Ik zat op de Mariaschool, een school die nog maar kort niet meer alleen voor meisjes was.

    Meisje –> handwerkles

    Wij, de meisjes, kregen een keer per week handwerkles terwijl de jongens op zolder met een hamer en zaag aan de gang gingen. Ik leerde nauwgezet borduren, breien en haken. Tijdens de pauze sloop ik met mijn tweelingzus en paar vriendinnetjes naar boven waar we ons jaloers vergaapten aan de handigheidjes die de jongens kregen aangeleerd.

    De school stond naast de katholieke kerk. Mijn zus en ik zongen in het kinderkoor, we mochten regelmatig met onze “hoge blokfluitstemmetjes” voorzingen. “Uit vuur en ijzer, zuur en zout, zo wijd als licht, zo eeuwenoud, uit alles wordt een mens gebouwd en steeds opnieuw geboren.” Ik ging niet graag naar de mis maar hield wel van zingen. In de zesde klas ging helaas een rol in de musical aan mijn neus voorbij. Iets wat ik eigenlijk nu pas snap. Juf Anja wist namelijk dat mijn ouders wel het belang en lol van culturele vorming inzagen en dat ik al allerlei kansen kreeg op dat vlak. Het merendeel van mijn klasgenoten niet.

    Mijn ouders waren liefhebbers van cultuur en kunst, ze hadden het perspectief en de middelen. Dus ik kreeg algemene muzikale scholing en zat als kind ook jarenlang ‘op ballet’, mijn moeder reed ons in eerste instantie nog naar een naburig stadje totdat juf Corry in ons dorp één balletklasje met hooguit tien meisjes tussen de zes en veertien jaar kon vullen. Het lukte Corry dit een paar jaar vol te houden.

    Diepe indruk maakte de vertoning van Bambi op een groot scherm in het dorpshuis. Dat was de enige keer dat er in mijn kindertijd in de buurt een bioscoopfilm vertoond werd.

    Vrijplaats

    Ik herinner me vooral het grote geluk dat ik vond op de zolder van de Hervormde school. Gedurende een paar middagen mocht ik daar als katholiek kind naartoe. Het was de hemel op aarde. Hier was een heuse werkplaats, er stond een grote drukpers, er was klei, er was verf. Wat een weldaad. Alles kon hier, je kreeg de kans om vrij aan de slag te gaan en alles uit te proberen. Er zal wel een begeleider bij zijn geweest, er zal wel enige structuur in die ontdekkingstocht zijn geweest, dat kan niet anders. Maar wat een wereld opende zich voor mij daar op die zolder. Die vrijheid, die kansen, wat een ongekende rijkdom was dit voor mij als kind. Helaas was het allemaal van korte duur. Inmiddels snap ik wel waarom, het zal wel weer een centenkwestie geweest zijn. Niet rendabel genoeg voor sommige mensen.

    Maar wat gun ik iedereen zo’n zolder.

    elsebeth

    20/03/2024
    verbeelding
    column, kunst
  • Een kamer voor jezelf

    Een kamer voor jezelf

    In het essay Een kamer voor jezelf verwondert Virginia Woolf zich over de ergernis van mannen over vrouwen. Hele boeken hebben ze vol geschreven over vrouwen en wat ze wel en niet zijn. Vooral heel veel niet. Zij stelt dat mannen dubbel zo groot willen zijn omdat dat de macht vasthoudt. Ze kunnen zich alleen zo groot voelen als dat wat er om hen heen is klein is. Daarom willen ze vrouwen als inferieur zien, alleen zo kunnen ze dat beeld van zichzelf in stand houden, denken ze. Vrouwen fungeren als een spiegel om henzelf groter in te reflecteren. Het essay is van een eeuw geleden maar een aantal van deze mechanismes zien we nu nog steeds.

    Grootspraak

    Wat Woolf niet beschrijft is dat vrouwen daaraan meewerken. Vrouwen die mannen een hand boven het hoofd houden, excuses geven, ach het zijn mannen, zo zijn ze, en zo meer. Willen vrouwen mannen graag overschatten, vraag ik me dan af? Terwijl dat toch voor beide seksen geen pretje is, lijkt me. Mannen die zichzelf voortdurend moeten overschreeuwen om aan verwachtingen te voldoen. Niet voor niets plegen zoveel meer mannen dan vrouwen zelfmoord, hebben zovelen problemen met een verslaving enzovoorts. Me dunkt dat het hen behoorlijk wat kost om zich zo groot te maken. Terwijl ze in een normaal formaat ook bestaansrecht hebben. En meteen zoveel leuker zijn.

    Maar ik herken dit ook, het is moeilijk om iets kritisch over mannen te zeggen. Omdat je gewend bent dat je dan op een of andere wijze wordt ondermijnd, geridiculiseerd, je bent een zeur, seksloos en zo meer. Maar ook omdat je nou eenmaal met mannen leeft, bevriend met ze bent. Mannen waar je van houdt of waar je mee kan lachen of praten. Het voelt dan zo lullig om kritisch te zijn op de rol /positie van mannen in het grotere geheel.

    Meten met twee maten

    Ergens is dat raar want als mannen in onze cultuur iets goed kunnen is het kritisch zijn op vrouwen, er zit regelmatig weinig tussen een onrealistisch fenomeen en een bitch zijn. Ze doen het dus zelf wel. En toch voelen veel vrouwen zich bezwaard als zij mannen een spiegel voorhouden. Terwijl de kritiek eigenlijk alleen gaat over wat mannen in een patriarchale samenleving elkaar en vrouwen aandoen. Het gaat niet om de individuele man, je beste vriend, je zoon, je broer, de man die je na staat en die je op de eerste plaats gewoon als mens ziet.

    Benoemen is nog steeds lastig, en is een van de redenen waarom de weg naar gelijkheid tussen de seksen om zo’n enorme lange adem vraagt.

    Jezelf groter willen maken ten opzichte van die ander is een menselijke karaktertrek. Uiteindelijk heeft dat weinig van doen met de natuur van mannen (hoop ik, maar ben er ook niet zeker van) maar meer met wie de macht heeft en wil behouden en wie niet.

    Dat schept ook weer perspectief.

    elsebeth

    06/06/2023
    maatschappij, mens, verbeelding
    maatschappij, sekse
  • Zicht op de binnenplaats

    Zicht op de binnenplaats

    Buren. Op de eerste lentedag komen ze weer tevoorschijn. Ik hoor ze. Ik ruik ze. De buurman steekt de barbecue aan, het stel in het bovenhuis achter – nog zonder kinderen – geeft een feestje, een buurvrouw houdt van zingen. Ik raak bekend met hun ritmes en gewoontes. Als ik alleen in mijn tuin zit, volg ik onbedoeld en met enige gêne hun gesprekken.

    Bij fotojournalist Jeff loopt zo’n zelfde situatie uit de hand. Het is bloedheet als hij met zijn been in het gips thuis zit. In zijn rolstoel achter het raam van zijn appartement in New York kijkt hij uit op een binnenplaats, waaraan een aantal woningblokken grenzen. De bewoners hebben de ramen van de huizen wijd open gezet en de fotograaf kan de dagelijkse gang van zijn buren goed volgen.

    Rear Window

    James Stewart speelt Jeff in de meesterlijke Hitchcock klassieker Rear Window, een veelvuldig geciteerde speelfilm uit 1954. Hij is getuige van een moord in zijn woonblok. Althans dat denkt hij, maar is dat wel zo? Ik weet het niet meer, ik heb de film meerdere keren gezien en ik vergeet elke keer weer hoe het afloopt. De film is zo goed, dat dát er weinig toe doet.

    Het verhaal speelt zich af op een oppervlakte van ongeveer vijfentwintig vierkante meter, het decor is een vrij letterlijke vertaling van een binnenplaats in Greenwich Village. Jeff kijkt uit op de tuintjes en de rommelige achterkanten van de woningen. De façades van de panden zijn uit het zicht. Zou hier dan het ongekuiste leven te zien zijn? Achter een smalle steeg vangt hij nog een glimp op van de drukte van de stad. Zijn enige contact met de buitenwereld is de telefoon en drie bezoekers: de verpleegster, een bevriende detective en zijn elegante vriendin Lisa, gespeeld door Grace Kelly.

    Perspectief

    Dit begrensde decor vormt het perspectief van de hoofdpersoon. Zijn blik vertelt het verhaal, letterlijk en figuurlijk: zijn kijkrichting, zijn karakter en zijn gemoedstoestand bepalen wat hij ziet. De setting staat vast en het camerastandpunt is beperkt. Weinig dynamisch zou je zeggen. Toch wel, deze ingrediënten gebruikt Hitchcock ,‘The Master of Suspense’, virtuoos in een gelaagde spanningsopbouw. Waarbij de grote vraag is: klopt het wat Jeff meent te zien?

    Meestal is de fotojournalist van huis, hij reist de wereld over voor zijn foto’s. Hij vreest het gevaar niet, zijn laatste opdracht leverde hem een gebroken been op. In zijn werk is Jeff als een fly on the wall onzichtbaar aanwezig. Thuis heeft zijn leven zich vernauwd tot de kleine biotoop van de binnenplaats. Ook hier kan hij – met zijn fototoestel met telelens- onopgemerkt observeren. Waar hij eerder in naam van de journalistiek het leven registreerde, wordt hij nu een voyeur die zijn verveling probeert te verdrijven.

    Zeventig jaar geleden vond men gluren nog ongepast – voor de zekerheid meld ik het even. Het voyeurisme van de hoofdpersoon gaf de film een ondeugende twist; hoe immoreel is hij eigenlijk zelf? Als je je bedenkt hoe dun tegenwoordig de scheidslijn tussen publiek en privé is, zien we dat nu anders. Sterker nog: wie ben je eigenlijk als je niet bekeken wordt?

    Herkenbare verhalen

    Aanvankelijk is de fotograaf slechts een afstandelijk waarnemer. Maar al snel raakt hij betrokken bij zijn onbekende buren en geeft hij ze namen. In eerste instantie lijkt er weinig te gebeuren op de binnenplaats, pas als hij inzoomt blijkt er van alles te spelen. Je ziet de levens van de buren met kleine en herkenbare verhalen, die ook de thema’s van het hoofdpersonage reflecteren. In het blok woont een pianist die hetzelfde liedje keer op keer speelt, vindt hij het ooit goed genoeg? Zijn buurvrouw is een danseres. Ze ontvangt mannen die ongegeneerd haar getrainde lichaam bewonderen, is dat hoe ‘Miss Torso’ hogerop wil of moet komen? Aan de overkant woont ‘Miss Lonely Heart, een vrouw alleen. Ze dekt voor twee. Heeft ze de liefde niet toegelaten en doet ze nu dan maar alsof? In een appartement naast hem komen ‘Newly Weds’ wonen die niet van elkaar af kunnen blijven. Het duurt niet lang of de gordijnen zijn steeds langer open en Jeff hoort hun eerste ruzie. Tegenover hem woont een handelsreiziger met zijn vrouw. Je ziet een huwelijk in zijn nadagen: een bedlegerige vrouw en een vaak afwezige man.

    Romantiek mag in een Hollywoodklassieker niet ontbreken. Jeff twijfelt of hij zich moet binden aan zijn ogenschijnlijk perfecte vriendin. Lisa’s wereld is mondain en zijn carrière – ergens op de wereld maar niet daar- vertegenwoordigt voor hem het echte avontuur. Als kijker denk je dat ze voor elkaar gemaakt zijn. Hij denkt van niet. Kijk je wel goed naar haar, Jeff?

    het kleine schuilt in het grote

    De setting vind ik prachtig. Je kijkt naar mensen die toevallig naast elkaar wonen. Wat ze in elk geval gemeen hebben is dat ze dezelfde binnenplaats delen. Maar dit kleine oppervlak is ook het toneel van grote contrasten. Je ziet mensen die vol in het leven staan naast mensen die verloren ogen. Mensen die pas in gezelschap opleven naast mensen die zichzelf prima vermaken. Er wonen succesvolle mensen wiens carrière al staat en mensen die er nog moeten komen. Mensen die de liefde willen vinden, anderen die elkaar hebben gevonden en degenen bij wie de vlam is gedoofd. Het bestaat allemaal naast elkaar. Hoe het leven kan zijn, klinkt door in verschillende toonsoorten. Deze schakering ontroert me.

    Nu de fotograaf nauwelijks afleiding heeft, gaat hij grote verhalen in het kleine zien. Waar is de ziekelijke vrouw ineens gebleven? Wat doet haar echtgenoot met die grote koffer? Heeft hij deze nodig voor zijn beroep of zeult hij daarin een lijk weg? Jeff bijt zich vast in een verhaal en ziet alleen de aanwijzingen die zijn beeld bevestigen. Is het tunnelvisie of klopt zijn intuïtie? Jeff is dynamiek gewend- hij wil wat meemaken. In hoeverre kleurt dat zijn blik? Ziet hij wat hij meent te zien omdat hij wil dat er wat bijzonders voorvalt of gebeurt het ook echt? Zijn bezoekers nemen zijn gedachtespinsels met een korreltje zout. Hij bijt zich steeds verder vast in zijn overtuiging en gaandeweg krijgt hij ze mee.

    Rear Window geeft niet alleen een mooi sfeerportret van een verdwenen tijd, de klassieker zet je ook over de huidige tijd aan het denken. De kernvraag in de film is: klopt het wat de hoofdpersoon meent te zien? Diezelfde vraag kun je stellen bij een fenomeen als complotdenken, dat na de isolatie in de coronaperiode zo’n vlucht heeft genomen, aangezwengeld door de informatiebubbels op sociale media en de opkomst van nepnieuws en AI. Deze actuele ontwikkelingen vragen veel van ons kritisch vermogen, een haast onmogelijke opgave. Waarheen sturen jouw overtuigingen jouw blik? Welke aanwijzingen bevestigen jouw kijk? Welke tekens heb je gemist? Is het zo simpel als het lijkt? Of ingewikkeld? Soms wel. Maar vaak ook niet. Ook Jeff heeft het niet altijd bij het rechte eind.

    In het volle licht

    Als Hitchcock alle ingrediënten heeft opgediend, versnelt het plot. Jeff intervenieert in de levens van zijn buren, met de hulp van zijn bezoekers en de telefoon. Waar aanvankelijk de taferelen binnenshuis plaatsvinden en de bewoners alleen gericht zijn op hun eigen bezigheden, maken ze nu onderling contact en worden ze zich bewust van wat er bij de buren gebeurt. Jeff blijft ook niet langer onopgemerkt bij de verdachte buurman. De gebeurtenissen stapelen zich op, de tijd gaat sneller en we bewegen richting een spannend slot. Nu zullen we het weten: heeft de buurman zijn vrouw omgebracht?

    Hoe Rear Window eindigt? Het is al even geleden dat ik de film heb gezien en zoals gezegd, ik weet het niet meer. Ik herinner me wel dat Lisa het avontuur niet schuwt (zie, de fotograaf en zijn elegante vriendin zijn voor elkaar geschapen). Ze gaat op onderzoek uit en ondertussen moet Jeff vanuit zijn stoel toezien hoe Lisa – niet echt voor de gelegenheid gekleed in een chique lichtgekleurde jurk – zichzelf in gevaar brengt, terwijl hij fysiek niet in staat is haar te helpen. Dat moet voor een mannelijk filmpersonage uit die tijd een harde dopper zijn. Ik weet nog dat het allemaal goed afloopt, het blijft tenslotte een Hollywoodfilm. Eentje die staat als een huis, ook na zeventig jaar.

    elsebeth

    26/05/2023
    kunst, maatschappij, taal, verbeelding
    film, kunst
  • In de herberg

    In de herberg

    In de herberg zie ik ze zitten om de grote tafel.Er zijn erbij die gewoon het woord nemen wanneer ze iets willen vertellen; ze worden niet onderbroken.Zij overschreeuwen zichzelf niet. Alsof dat nooit nodig is geweest en ze als vanzelf een plek in het geheel hebben. Daar hoeven ze niets voor te doen, ze zijn er.

    Ze hebben niets te verliezen, te winnen of te bewijzen, zo lijkt het wel. Hooguit ten opzichte van elkaar.

    Ik hoor een golf luid gelach waarbij ze slaan op tafels en knieën. Ze schudden achteloos de grappen die over hun rug gemaakt zijn, van hun schouders af. Het doet niets aan ze af. Dat denk ik te zien, althans.

    Dat vanzelfsprekende zelfvertrouwen, daar kan ik ze om benijden. Al weet je natuurlijk nooit zeker of het slechts spelers zijn in een thuiswedstrijd.

    elsebeth

    20/05/2022
    maatschappij, taal, verbeelding
  • Tante Til en tante Trut

    Tante Til en tante Trut

    Wat is het toch een gedoe, dat denken. Je kunt maar beter bezig blijven. Zoals mijn oom Jan ooit zei: “Anders haal je je muizenissen in je hoofd.” En daar had-ie een punt. Hij had dan ook geen rust in de kont. Laatst las ik over dagdromen en hoe je dan al snel aan het piekeren slaat. De kritische stem die altijd met je meekijkt, heet het in therapeutentaal. Waarschijnlijk ken jij hem ook. Nou, geloof me, ik ken haar goed.

    In mijn brein hoor ik liever tante Til dan tante Trut. Helaas is tante Trut nogal opdringerig, terwijl tante Til zoveel beter gezelschap is. Tante Til is als een rond en soepel wijntje, gelaagd met een vleugje bloesem. Ze is een lange struise dame en strooit haar kleine levenslesjes achteloos rond. Aan jou of je er wat mee doet of niet. Ze is gul in welgemeende schouderklopjes, en weet die ook echt te vinden. Ze heeft het nooit over fouten en haalt bij miskleunen haar schouders op, ‘’Ach, dat overkomt de beste”, zegt ze dan terwijl er alleen maar warmte doorklinkt in haar zachte stem. En – heel belangrijk – ze heeft zelfspot. We lachen wat af met elkaar.

    Nee, dan tante Trut, poeh, wat wil die graag gehoord worden. Zíj komt graag ongenodigd binnen walsen en steekt met een lijzige stem direct van wal, ze weet het altijd beter. Gesticulerend zet ze haar grote handen breed in haar zij om me ongevraagde adviezen te geven. Of me wat ‘sturing’ te geven. Als ik me met een warme kop koffie heb geïnstalleerd en wat voor me uitstaar terwijl tante Til een observatie met me deelt en ik daarop meanderend wegdobber in heerlijke luchtfietserij, hoor ik in de verte tante Trut al roepen. “Chopchop, ga eens wat doen.” En dan volgt er een preek, die ik al eerder hebt gehoord maar die me wel weer terug op mijn plaats zet. Want dat is nodig, stelt ze.

    Gelukkig weet ik wat te doen om tante Trut in het gareel te krijgen. Volgens mij houdt tante Trut niet zo van douchen. Of van creativiteit. Of van autorijden.

    Ken je dat ook? Dat je ontspannen in je gedachten reist tot je ineens opmerkt dat je al bij de afslag naar Deventer bent? Je zit in een ’flow’. Bij het creatieve proces kan ik ook in die staat van zijn belanden. Dat zijn de mooiste momenten. Er borrelen meters aan gedachten op en die zijn een stuk constructiever van aard. Er ontstaat gericht denken.

    Voor ik in de juiste stroom glij, is er wel wat werk nodig. Dat begint met tante Trut uit wandelen sturen. Met haar uit de buurt lukt het me het doel, de zin en de lust voor het doen ervan in te blijven zien. Tante Til kijkt bemoedigend op mijn schouder mee. Tijd stroomt.

    Tot ik weer tot zinnen kom. Oeps, daar heb je tante Trut weer.

    elsebeth

    10/02/2022
    verbeelding
    column, mens
  • Boekbespreking

    Boekbespreking

    De Tweede Plaats – Rachel Cusk

    “Ik vraag me af, Jeffers, of ware kunstenaars mensen zijn die er al heel vroeg in geslaagd zijn hun innerlijke realiteit af te werpen of te marginaliseren, wat misschien verklaart hoe iemand met een deel van zichzelf zoveel over het leven kan weten, terwijl hij met een ander deel helemaal niets begrijpt.”

    De Tweede Plaats van Rachel Cusk gaat over zoveel meer maar deze vraag licht ik er uit. De behoefte om zo’n kunstenaar te mystificeren vind ik interessant. Alsof er achter schoonheid alleen maar pure waarachtigheid glanst. Terwijl de menselijke maat – hoe dan ook- bij alles de grondtoon is. Dat bijvoorbeeld een fenomeen als kunst toch een glimp naar iets wat ons daarboven verheft kan laten zien, zal voor velen herkenbaar zijn, denk ik. Deze tegenstelling beschrijft Cusk (onder andere) in dit verhaal.

    M., een vrouwelijk auteur, nodigt gelauwerd kunstenaar L. uit in het gastenverblijf bij haar en haar echtgenoot thuis. Zijn werk heeft haar diep geraakt. Ze denkt daarom een intieme verwantschap ‘als broer en zus” te herkennen. In een lange monoloog aan ene Jeffers beschrijft ze het bezoek van de grote kunstenaar.

    L., inmiddels op leeftijd, komt niet alleen. Hij heeft – onaangekondigd- zijn jonge vriendin meegenomen.

    De gastvrouw ondervindt dat de man los staat van wat hij maakt.

    Er ontstaat maar geen uitwisseling tussen de man en zijn omgeving.

    “ – hij had mijn verhaal aandachtig aangehoord, daar was ik van overtuigd. Maar het spel van empathie, als we elkaar aansporen om onze wonden te tonen, dat vertikte hij te spelen.”

    Tot haar teleurstelling wil hij niet haar maar wel haar echtgenoot en dochter schilderen. Haar echtgenoot is een autonome man die geen ijdelheid kent. In het portret zet hij de man klein en boers neer.

    De kunstenaar lijkt sowieso geen echte interesse te hebben in anderen. Het leeftijdsverschil tussen de kunstenaar en diens hedendaagse vriendin is groot. Door het generatieverschil kan hij haar gewoon bekijken als een fenomeen van haar tijd en en omdat de afstand te groot is om een brug te slaan, hoeft hij die moeite niet te nemen.

    De faam van de kunstenaar is eerder verbleekt dan zijn portemonnee heeft begrepen. Hij blijkt vanwege geldgebrek haar uitnodiging te hebben aangenomen. Daarom noemt hij zichzelf –koketterend- een bedelaar.

    Zij: “Zo zag ik helemaal niet, en dat zei ik dan ook. In de eerste plaats had hij het geluk niet in een vrouwenlichaam te zijn geboren: hij kon zijn eigen vrijheid niet zien, want hij kon zich niet indenken hoe die vrijheid hem in de basis ontzegd had kunnen zijn. Bedelen was een vrijheid op zich, het impliceerde in elk geval gelijkwaardigheid met behoeftigheid.”

    De man is een lul en toch maakt hij prachtig werk.

    De nuance in wie een kunstenaar is en wat diens kunst betekent, heeft Rachel Cusk prachtig in woorden gevangen: leestip dus!

     

    elsebeth

    11/10/2021
    verbeelding
  • Scheurgedichtjes

    Scheurgedichtjes

    elsebeth

    13/09/2021
    verbeelding
  • Afvalheffing

    Afvalheffing

    Andijviestamppot

    Gisteravond aten we een eenvoudige andijviestamppot. De aardappels zaten in een zak van gecoat papier met daarin een ‘zichtnetje’ gemaakt van plastic. De andijvie was in een folie verpakt. De worstjes van de bioslager zaten in een plastic zakje. Het bereiden van zo’n eenvoudige maaltijd bleek toch ingewikkelder dan ik dacht. Het gecoate papier: in welke afvalbak moet dat? Papier of plastic? Nou, bij het papier dan maar, op goed geluk. Ik trok het dunne netje eraf en gooide dat in de plastic bak, net als het folie en het plastic zakje.

    Afvalstroom

    In mijn keuken heb ik ruimte gemaakt voor vier bakken afval: Rest, Groen, Plastic en Papier. In de kelder verzamel ik het glas en het chemisch afval. Het lukt me om in mijn tweepersoons huishouden per maand slechts één zak restafval van dertig liter te verzamelen. Dat kan ik niet zeggen over de hoeveelheid plastic die ons huishouden verbruikt. Elke twee weken staat er een grijze container vol met plastic aan de straat.

    Wereldverbeteraar

    Terug bij het afval van het maaltje Hollandse kost.  Bij de recyclefabriek zal het dunne plastic van het netje eruit gevist worden. Het folie ook. Het plastic zakje niet. Ruim een derde van de plastic afvalstroom is niet goed genoeg om te recyclen en wordt alsnog verbrand, lees ik in het Nrc. (Hergebruik van plastic is sowieso de oplossing niet nu de olieprijs laag is en er bij producenten weinig vraag naar recyclede plastic korrels is.) Zucht. Ik word hier moedeloos van. Ik krijg het gevoel dat ik als burger in mijn eentje de wereld moet redden. Samen met alle andere burgers, dat dan weer wel. Maar dat dat niet voor alle burgers even makkelijk is, is ook bekend, dus ik denk niet dat dit de snelste weg vooruit is.

    Waarom verwachten we van bedrijven en supermarkten – zij die ons overstelpen met al dit afval-  niet veel meer om deze aanhoudende stroom afval te verminderen?

    Afvalheffing

    Stel eisen aan de verpakkingen die bedrijven gebruiken. Je kunt dit zelfs op Europees niveau in handelsverdragen vastleggen, net zoals je daarin afspreekt dat spullen niet giftig of onveilig mogen zijn. Ook op landelijk niveau mag je van de voedselfabrieken en supermarkten meer verwachten. Geld is een belangrijke motivatie – zo niet, de enige- bij deze bedrijven. Hef daarom een afvalbelasting om deze sectoren te prikkelen beter na te denken en met vriendelijker oplossingen te komen. Belast in elk geval het gebruik van fossiele grondstoffen bij de verpakkingsmaterialen om ze te stimuleren meer werk te maken van het verpakken van zoveel mogelijk producten in materialen die weer aangroeien. Alsjeblieft geen chipszakken meer van folie met een metalen coating. Er zijn inmiddels ook bio-coatings gemaakt van zetmeel of suiker, als het dan toch moet. Ook liever geen kauwgomstrips van plastic en iets metaligs: kauwgom kan ook in een papieren rol. Gooi alle verpakkingen die niet hoeven eruit. Aardappels waar de modder nog aanzit blijven langer goed. Die rare dunne plastic netjes rondom mandarijnen en sinaasappels zijn niet nodig. En als het dan toch niet anders kan: er zijn duurzame alternatieven. Het kán echt anders. Sterker nog, ik leef lang genoeg om te weten dat het ooit anders was. Het moet ook anders. Dus hop, doen! Toe!

    elsebeth

    23/10/2020
    verbeelding
  • Adres onbekend

    Adres onbekend

    Informatie-oorlog

    De Netflix documentaire The Social Dilemma en de serie Why We Hate, te zien via NPO Start/Plus, belichten de macht van de internetreuzen en hun invloed op onze omgangsvormen, de samenleving en democratie. (De ironie van het laten zien van eerstgenoemde via de blijf-nog-even-bij-me streamingdienst kan na het bekijken van de documentaire niemand ontgaan) De documentaires gaan in op vragen als: Wat voor gevolgen hebben bedrijven als Facebook, Google en consorten op onze samenleving en de democratie? Hoe gaan we om met informatie en het duiden daarvan? En in het verlengde daarvan: Wat is er geworden van het internet?

    Het internet zou aanvankelijk een plaats voor vrije geluiden zijn, waar informatie voor alle mensen wereldwijd toegankelijk zou zijn, een wereldwijde ontmoetingsplaats waar mensen van verschillend komaf zich als gelijken konden bewegen: Wat is daar van terecht gekomen? Hoe gedragen we ons op de weg? Wie geven we voorrang en wie halen we in? Wat blijft achter?

    Clusterbom

    Op het internet is een clusterbom aan informatie ontploft. Haastige verkeersdeelnemers zijn op weg naar een onbekend adres. Ze gedragen zich alsof ze in hun eentje in een auto zitten en vertonen – onbespied gewaand- soortelijk gedrag. Toeterend en scheldend vinden ze hun weg. Verkopers gebruiken alle middelen om mensen bij hun kraampje te laten stoppen. De weggebruikers parkeren hier even en nuttigen wat hapklare brokken informatie. Hap-slik-like-weg. In de berm wonen predikers die zieltjes willen winnen voor hun eigen zaak, aplomb gepresenteerd als de enige waarheid. In het veld naast de weg liggen bij elkaar geharkte hoopjes. Harde schreeuwers rapen uit zo’n bultje data stukjes informatie bij elkaar om het met een wetenschappelijk sausje als één gerecht te serveren, terwijl het vooral een politiek belang moet dienen, welke dat ook mag zijn. Niet waarheidsvinding of horizonverbreding is hier het doel. Hier is de horizon zo dichtbij dat je de – vlak voor je neus- hoge flat waar duizend verschillende gekleurde vlaggen wapperen, kan missen.  Denk je anders? Dan ben je verdacht, niet oké en eigenlijk een NSB-er, links vuilnis, dom, een hoer of een varken.

    Internet is uitgegroeid tot een plek die onderdak biedt aan een benauwd bolwerk van gelijkhebberigen. Waar degene die het hardste ronkt, het grootste gehoor krijgt. Waar de blik van de verkeersdeelnemer zich verder vernauwt.

    Is het nog mogelijk dit tij te keren? En zo ja, wat is daar voor nodig? Minder macht leggen bij de grote sociale platforms voor wie winst maken leidend is, dat is duidelijk. Maar hoe dan wel? Hoe geef je – in een feitenvrij – wereldwijd web vorm aan een wirwar van allerlei soorten informatie? En bovenal: hoe zorgen we ervoor dat informatie niet langer politiek gekleurd is?[/vc_column_text][sc_divider color=”#aaad78″][vc_empty_space height=”16px”][vc_column_text]

    Gerelateerde artikelen:

    • Echt waar? 
    • Leugenvinding
    • Heb ik contact?
    • Billboard media

    elsebeth

    10/10/2020
    maatschappij, mens, verbeelding
    maatschappij, mens
  • Modern sprookje

    Modern sprookje

    Sprookjes bestaan niet, toch?
    Maar stel dit is een sprookje, welk verhaal vertelt het dan?

    elsebeth

    26/08/2020
    verbeelding
  • Interieur

    Interieur

    Op televisie laat een stel trots hun interieur zien. Je ziet dat ze met veel aandacht en zorg de woning helemaal naar eigen smaak hebben ingericht. Hier zijn spullen geen stoelen meer, ook een vaasje dat nog van oma is geweest, is een ’item’ geworden. Producten die de identiteit van de trotse eigenaren net zo’n gouden glansje meegeven als het goed zelf. Hier pronken de bewoners met hun bedoening en ben je als kijker uitgenodigd bij hen binnen te kijken. Hier toont een koppel enthousiast hun goed uitgelichte en opgepoetste boeltje.

    In de kamer naast me krijgt mijn zoon thuisonderwijs. Op zijn computer annex extra lichaamsdeel annex thuishonk – is nu ineens zijn docent Maatschappijleer. Als ik even meekijk hoe dat nou gaat, dat digitale onderwijs, krijg ik onbedoeld een inkijkje in het leven van deze mij onbekende man. Uit de foto’s op het dressoir blijkt de alsmaar pratende leraar een uitgebreide familie te hebben – zie ik het goed: is hij al grootvader? Achter hem staat een rijtje boeken en hangen kleine olieverfschilderijen als de stille getuigen van zijn persoonlijkheid.

    Vanwege deze sociaal barre tijd, raadt mijn zus de app Houseparty aan. Zo komen we na een hele dag binnenzitten, even bij elkaar over de vloer. Mijn zus, onopgemaakt, met provisorisch samengebonden haar, hangt zonder leesbril dicht voor de camera, als we proberen uit te vissen hoe deze app werkt. Mijn zwager had vorige week nog naar de kapper gewild maar werd ingehaald door snel opeenvolgende maatregelen. Onwennig kijken we naar onszelf en naar elkaar en zwaaien maar wat.

    Als het begint te schemeren gaan in de huizen aan de overkant van de straat de lichten aan. Vanaf mijn bank zie ik de silhouetten van mijn overburen bewegen. De twee zussen die een leven lang al in deze buurt wonen; naast hun het ondernemende stel met tiener en daarnaast het nog maar pas begonnen gezin met baby en dreumes. Mensen in verschillende fases van hun leven met andere verwachtingen en zorgen. Vanaf deze afstand kan ik me daar alleen maar een voorstelling van maken.

    Thuis op de bank met ‘verkoudheidsklachten’ voel ik me Jeff uit Rear Window, mijn favoriete film van Hitchcock. Hier bespiedt een oorlogsfotograaf met gebroken been zijn buren door het nauwe kader van zijn venster. Wat doet zijn isolatie met zijn beoordelingsvermogen? Speelt datgene in zijn hoofd zich ook daadwerkelijk in het echte leven af? Ik krijg weer zin om deze film te zien, waar het spannend doch overzichtelijk is, waar het bruist en waar de boef – voor hij nog meer kwaad kan berokkenen- gepakt wordt.

    elsebeth

    26/03/2020
    verbeelding
  • Sculptuur

    Sculptuur

    elsebeth

    03/06/2019
    taal, verbeelding
  • Zinloos geweld

    Zinloos geweld

    Daarnet liep je vol levenslust.
    Ritsrats ritselde je door het hoge gras,
    langs de opgekomen tulpen en narcissen.
    Een ademtocht verder.

    Haar had je niet gezien.
    Ratsroets verdween je tussen haar scherpe nagels.
    Vele malen volgevreten,
    slechts hongerig naar spel.

     

    elsebeth

    25/04/2019
    kunst, taal, verbeelding
    kunst, taal
  • Krantenbericht

    Krantenbericht

    De burgemeester staat in de krant.
    Zij heeft een taartje in de hand.
    Mevrouw staat op hoge hakken in een wei,
    met een paar geiten zij aan zij.

    Achter een sierlijk wapperend lint,
    naast een verlegen lachend kind,
    poseert de deftige dame welopgevoed,
    in zomerse jurk en strooien hoed.

    Huppelend op één been – strik in het haar -,
    geeft het meisje de vrouw een lange schaar.
    Als mevrouw op het punt van knippen staat,
    heeft de fotograaf zijn camera paraat.

    Dan ziet de klas van meester Rik,
    met open mond en verschrikte blik,
    hoe een knobbelgans met overmoed
    landt op burgemeesters zomerhoed.

    Met bolle buik, in zomerbries,
    pikt de gulzige gans heel precies,
    het gebakje uit haar achtbare hand.
    Zo staat de burgemeester in de krant.

    Zo staat de burgemeester in de krant.

    elsebeth

    16/04/2019
    kunst, onderwijs, taal, verbeelding
  • Kat

    Kat

    Interesse in deze poster?
    Neem dan contact op!

    elsebeth

    05/04/2019
    verbeelding
    kunst, taal
  • Rituelen

    Rituelen

    De streekbus had ons aan het eind van de ochtend aan het begin van de dijkweg afgezet. Links zagen we markante dijkhuisjes met daarachter eentonige naoorlogse bouw. Rechts keken we uit over de uitgedijde rivier. Het had veel geregend de afgelopen weken, maar deze dag kleurde de hemel blauw en verwarmde de eerste lentezon onze bleke wangen.

    Motorrijders zigzagden in lange colonnes door het meanderende landschap. We zagen hoe ze bijna de grond raakten als ze door de bocht heen scheerden om –als dansers- in een zelfde soepele beweging de andere kant op te hellen. Hun blinkende helmen markeerden als speldenknopjes de route die wij nog moesten gaan.

    Waarom had ik me op de platte all stars aan deze wandeling gewaagd? De verre horizon leek Jan niet te deren. In mijn inmiddels lege rugzak had ik die ochtend vier pakjes vruchtensap, een rol biscuitjes en voor ieder een zakje chips ingepakt. Onze benen vonden een gelijkmatig ritme en in een rustgevende cadans wandelden we langs dorpjes en fruitvelden.

    Fietsende bejaarden – twee grijze haardossen, twee blauwe jassen, twee identiek groene fietsen – kwamen ons tegemoet. ‘Goedemiddag’. Zonder op of om te kijken liepen wij in een gestaag tempo door, we hadden een missie, mijn vriend voorop en ik – mijn blaren vervloekend – er vlak achter.

    De brug was inmiddels in zicht. Voor de tiende keer eindigde daar onze jaarlijkse wandeltocht. De rest van de groep zou hier op ons wachten. We kregen ze al in beeld. De laaghangende zon tekende een witte lijn langs vijf zwaaiende silhouetten. Boven op de brug begroetten we elkaar. Het was al weer een jaar geleden dat we met zijn allen bij elkaar waren geweest.

    Margot rolde een meterslange strook uit. Ze had van dunne lapjes stof een bont patchwork genaaid. Omstebeurt schreven we op de banier een letter van zijn naam. We hingen de lange lap over de reling van de brug en bonden de uiteindes stevig vast aan de spijlen. De vaandel wapperde een prachtig kleurenspel in de wind. Ook dit jaar danste Maarten met ons mee.

    elsebeth

    03/09/2018
    verbeelding, verhaal
    verhaal
  • Cindy Sherman

    Cindy Sherman

    Identiteiten

    Al decennia lang maakt de Amerikaanse fotografe Cindy Sherman zelfportretten zonder haar identiteit aan de kijker prijs te geven. Humorvol houdt ze mannen én vrouwen een spiegel voor en laat ze zien welke clichés er leven over vrouwen.

    In haar eerste serie foto’s uit de jaren zeventig van de vorige eeuw, Untitled Film Stills, is Sherman een actrice die verschillende rollen speelt,  van stereotiepe huisvrouw tot filmster tot minnares.  Ze uit daarmee haar frustratie over de rolmodellen die vrouwen krijgen toebedeeld en stelt daarmee de verwachtingen waaraan vrouwen moeten voldoen aan de kaak.

    Na drie jaar – ‘she ran out of clichés’-  verandert de fotografe van onderwerp. In haar ‘Fairy Tale Disasters’ laat ze haar fascinatie voor horror zien. Met gruwelbeelden van vervormde (plastic) lichamen brengt ze een onsmakelijke fantasiewereld tot leven.

    De volgende serie die ze maakte heet History Portraits. Hierin refereert ze aan bekende schilderijen. Zonder het werk van de meesters exact na te spelen geeft ze een herkenbare interpretatie. Aangeplakte plastic lichaamsdelen werken vervreemdend en benadrukken de rol die de geportretteerde heeft.

    In een volgende serie parodieert ze de porno-industrie. Poppen met plastic genitaliën in obscene poses figureren in haar Sex Pictures.  Het ontneemt je meteen de lust.

    In haar serie Metro Pictures is ze zelf weer model van haar foto’s. Ze maakt portretten van hedendaagse Amerikaanse vrouwen. We zien onder andere dé gescheiden vrouw, dé personal trainer, dé makelaar. En net zoals in de reallife soap, de vrouwen lijken net echt.

    Tegenwoordig toont Sherman via haar Instagramaccount selfies waarbij ze door gebruik te maken van fotobewerkings-apps kan kiezen wie, wat en hoe ze is. Daar gebruikt ze onder andere Facetune voor. Delen van het gezicht zijn vergroot, verkleind of vervormd. Ze toont – zoals zovelen – het plaatje dat ze wil laten zien van ‘zichzelf’ aan de wereld.  Ze laat daarmee ook zien hoe mensen in de (sociale) media een beeldtaal gebruiken die refereert aan dat wat ze al kennen. Met als gevolg dat we elkaar bevestigen in de stereotypes die we gebruiken om de wereld om heen te duiden en tegelijk de samenleving met dezelfde tonen blijven kleuren.

    Foto’s van Cindy Sherman uit de volgende series:

    • Untitled Film Stills
    • Fairy Tale Disasters
    • Metro Pictures
    • History Portraits
    • Sex Pictures
    • Selfies

    elsebeth

    20/05/2018
    kunst, maatschappij, mens, verbeelding
    kunst, maatschappij, media, sekse
  • Monroe

    Monroe

    Marilyn

    Een meisje is ze nog maar,
    als zij in haar een ster herkennen.
    En ze haar meenemen in hun zucht
    een groot publiek te verwennen.

    Haar rode lippen in een bevroren zoen,
    de zachte borsten in wellustig korset,
    speelt ze keer op keer dezelfde rol,
    op de set of thuis in bed.

    Een geharnaste vrouw is ze,
    als zij het meisje blijven herkennen.
    Ze blijft alleen in haar vlucht,
    wie zal haar ooit nog kennen.

    elsebeth

    01/02/2018
    taal, verbeelding
    sekse, taal
  • Modigliani’s vrouwen

    Modigliani’s vrouwen

    Modigliani, wat heeft hij met deze vrouwen? En wat hebben ze met hem? Verveeld, een tikje chagrijnig kijken ze de schilder aan. Afwachtend, niet bereid zich echt over te geven. Hebben ze er wel zin in? De armen hangen daar waar ze toevallig terecht zijn gekomen. Met ronde schouders boven een verlengd lichaam, alsof ze net nog opgevouwen in een doosje zaten en net iets te ver zijn uitgetrokken. Loom – de accu nog op de oplader- trekken ze pruilend een lange neus naar hun portrettist. Misschien omdat ze de knappe Italiaanse machismo schilder niet voor zichzelf alleen hadden, terwijl ze dat wel stiekem hoopten. Amedeo Modigliani leefde van 1884 tot 1920. Opgegroeid in Italië, vertrok hij op 20-jarige leeftijd naar Parijs; de plek waar hét allemaal gebeurde. Hij leefde intens: beminde veel vrouwen, dronk een hoop en gebruikte graag opium. Zijn slechte gezondheid bleek niet bestand tegen deze levensstijl; hij stierf jong op 35-jarige leeftijd.

    elsebeth

    24/01/2018
    kunst, verbeelding
    kunst
  • Opgroeien

    Opgroeien

    Elke dag was het vijftien kilometer heen en terug. Strakke benen kregen we van dat gefiets. Het geluid van onze hoge stemmen reikte tot waar de weilanden de horizon raakten.

    De soul van Stevie Wonder- Songs in the Key of Live- was favoriet. Maar vooral de stem van Philip Bailey van Earth, Wind and Fire kreeg navolging. We bezongen stille en rumoerige liefdes:  ‘Tempory is rising, I don’t wanna fê-ie-êl. Uh. Kissing and hugging and holding you tîght. Woaah. Reasons, the reasons that we he-a-er. The reasons that we fear. Ooowohhh. Be-a-ebie’. En met de ijle kitsch van Deniece Williams – ‘I just want to be frêê. Frieeeee’ – lieten we de bedompte sfeer van school mijlenver achter ons.

    We fietsten naar de thee met koekjes bij een van ons thuis. Thuiskomen betekende overal wat anders. Bij de ene vriendin veerde een eenzame moeder op bij eindelijk wat leven in huis. Bij een andere maakten we popcorn en vertrokken we zo gauw het kon naar boven om in een felgekleurde kamer bij het open raam te roken. Snelle, stiekeme hijsen van dungedraaide shaggies van Samson of Drum.

    In die tienerkamers luisterden we naar Adam Curry en bandjes van Ferry Maats Soul Show. We begrepen elkaar als we klaagden over familie, discussieerden over abortus en kernwapens en giechelden over jongens en alles wat daarbij komt kijken.

    foto: dubbelalbum van Stevie Wonder uit 1976.

    (In april krijgt Stevie Wonder de Key of life award. Deze oeuvreprijs krijgt hij van de American Society of Composers, Authors and Publishers (ASCAP))

    elsebeth

    16/03/2017
    erfgoed, kunst, taal, verbeelding
  • Erfenis

    Erfenis

    foto: werk van Kara Walker  Titel: Gone, An Historical Romance of a Civil War as it Occurred Between the Dusky Thighs of One Young Negress and Her Heart | Jaar: 1994 | Materiaal: papier

    De Amerikaanse kunstenares Kara Walker vertelt verhaaltjes. In kitscherige taferelen zijn mensen in een gezellig samenzijn verwikkeld. Totdat je beter kijkt. Haar geknipte silhouetten leven in een vervlogen, romantische wereld. In techniek en in onderwerpskeuze refereert Kara Walker aan de 18e en 19e eeuw. Een tijd waarin machtsmisbruik tussen rassen hoogtij vierde. Zo ook in dit werk. Je ziet de stereotiepen van welgestelde 19e eeuwse blanken. De vrouw staat op het punt de man te kussen. Kennelijk is hij leuk genoeg. Een klein zwart meisje, clichématig afgebeeld met ronde billen en ronde lippen, is als een hond aangelijnd. En wat doen die extra benen bij deze flirt? Natuurlijk is de wrange geschiedenis van Amerika bij nagenoeg iedereen bekend. Geen moeite dus om als kijker het verhaaltje compleet te maken. Weg romantiek. Wat overblijft is de herinnering aan een pijnlijke episode uit de westerse geschiedenis.

    elsebeth

    16/03/2017
    kunst, maatschappij, mens, verbeelding
    kunst
1 2
Volgende pagina

contact

bel, app of schrijf

06 50 83 42 51

post [at] elsebethhoeven.nl

Pontanuslaan 68 Arnhem

socials

linkedin
instagram
substack
© 2026 | elsebeth hoeven – tekst & beeld